Heijmans_Powermatching_City

PowerMatching City

Ruim vijf jaar geleden besloot ik het roer om te gooien: niet langer hard werken maar vooral slimmer gaan werken. Geen gevecht meer om processen zo goed mogelijk te laten verlopen binnen de huidige spelregels, maar innovatie, vernieuwing en strategische planvorming stonden op mijn vizier. Al snel had ik een nieuwe uitdaging gevonden en kon ik beginnen met het in praktijk demonstreren van mijn dromen in het project PowerMatching City, een toekomstbeeld van het nieuwe energie-systeem.

Sustainia 100
Vijf jaar later staat dit project in de Sustainia 100. Het is één van de honderd voorbeeldprojecten van de UN over hoe wij onze samenleving op een duurzame manier kunnen inrichten. Een bijzondere prestatie, omdat dit slimme energieproject relatief kleinschalig is. Momenteel bestaat het uit 25 huishoudens in het Groningse Hoogkerk, terwijl er elders in de wereld ook projecten zijn met soms wel 100.000 eindgebruikers. Deze beperken zich echter tot smart metering waarbij eindgebruikers via een slimme meter enkel inzicht verkrijgen in hun eigen verbruik.

Waarom staat dit project dan in de Sustainia 100? Samen met TNO, Gasunie, Essent, ICT automatisering en Enexis hebben we laten zien hoe je een complete, geïntegreerde oplossing kunt realiseren op basis van decentrale energiebronnen. De eindverbruikers zijn daarbij uitgegroeid tot energie producerende consumenten. We hebben gekeken hoe we ons energiesysteem in 2030 ingericht zouden willen hebben. Een wereld waarin allerlei nieuwe technologieën zoals elektrische auto’s, zonnepanelen, windenergie, mircoWKK, warmtepompen en slim witgoed hun intrede hebben gemaakt in de markt. Al deze technologieën zijn bij de huishoudens van het project geïntroduceerd en gaan gepaard met een paar fundamentele wijzigingen in het energiesysteem. Energie wordt voor een groot deel decentraal opgewerkt door duurzame, weersafhankelijke energiebronnen. Deze energiebronnen zijn kostenefficiënter dan centraal geproduceerde elektriciteit en er is sprake van tweeweg verkeer op het energienet.

Open community
De deelnemers van PowerMatching City vormen een open community die hun eigen energie op een duurzame manier opwekken. Overschotten worden onderling aan elkaar verkocht op een lokale marktplaats. Als er productiecapaciteit over is, verkopen ze dit zo duur mogelijk op de APX of de onbalansmarkt. Sterker nog: in huis draait er ook een markt waarbij bijvoorbeeld de wasmachine en elektrische auto onderhandelden met de zonnepanelen. Mocht er onverhoopt een tijdelijk tekort ontstaan dan wordt dit ingekocht bij de buren of op één van de centrale markten om zo de leveringszekerheid te kunnen blijven garanderen.

Ervaringen voor de bouwsector
Inmiddels is er al veel geschreven over dit project, maar wat zijn nu relevante ervaringen voor de bouwsector? Wellicht een open deur, maar een demonstratieproject blijkt een zeer effectief middel om te komen tot concrete innovatie. Door het gewoon te gaan doen en het te verkennen word je direct met de neus op de feiten gedrukt. We vinden nog te snel een excuus om de echte uitdagingen te laten liggen en een oplossing te zoeken die op korte termijn economisch aantrekkelijk is. Het demonstratieproject heeft er enorm aan bijgedragen om onze toekomstvisie aan te scherpen en waar te maken. Door die kennis te gebruiken kun je aantrekkelijke producten en diensten ontwikkelen voor de eindgebruiker.

Zonne-energie een grote verrassing?
Voor de woningbouw blijkt het een totale verrassing te zijn dat de zonnepanelen eind vorig jaar door de zogeheten ‘grid parity’ grens zijn gegaan. Ofwel, zonne-energie is vandaag de dag voor consumenten goedkoper (zonder subsidie) dan het inkopen van stroom bij een energieleverancier. De verwachting is al jaren dat dit ergens tussen 2015 en 2020 zou gaan gebeuren. Dat dit sneller is gegaan heeft ook de energiesector verrast.
Wat mij verbaast is dat nieuwbouwhuizen vaak niet standaard voorbereid zijn op het plaatsen van zonnepanelen. Eindgebruikers willen ze nu hebben! Het naderhand aanpassen van de woningoriëntatie t.o.v. het zuiden blijkt vooralsnog erg lastig. Wellicht is dit ook niet het grootste issue naarmate de efficiency van de panelen toeneemt en de kosten blijven dalen. Veel prangender is het feit dat de dakconstructie de zonnepanelen niet zomaar kunnen dragen. Dat er zo weinig voorbereidingen worden getroffen voor de bijbehorende technische installatie is op zijn minst een gemiste kans te noemen. Nu is er onbedoeld een extra drempel opgeworpen voor de grootschalige introductie van zonnepanelen. Een relatief eenvoudig ingreep had kunnen bijdragen aan het verlagen van de woonlasten van de consument. Er wordt door de bouwsector een enorme kans gemist om daadwerkelijk waarde toe te voegen voor de eindgebruiker.

The next step
Voor de toekomst ligt er een mooie uitdaging: Hoe vinden de bouwsector en de high-tech industrie elkaar? Hoe ontwikkel je tegen acceptabele kosten een totaalconcept voor energiezuinige, comfortabele en toekomstbestendige woningen?
Hier is een mooie parallel te trekken naar de automobielindustrie: zij zijn uitgegroeid tot zeer goede ‘system-integrators’ met uitstekende R&D- en marketingafdelingen die als geen ander de totale keten weten te managen. Het resultaat is een product waar we als eindgebruiker trots op zijn. We hebben het privilege om een Audi, BMW of Volvo te mogen rijden. In de toekomst willen we een Heijmans, BAM of een IKEA woning! Elk met specifieke kenmerken die zich in de markt onderscheiden. Zo zal de één gemakkelijk aan te passen zijn aan de veranderende woonwensen, terwijl de ander wellicht het totaalcomfort kan bieden voor het gezin wat daarvoor wil betalen. Ik ben alleen nog benieuwd wie straks als eerste de comfortabele, energieproducerende woning als high-tech industrieel product gaat leveren!

Volgende week blog ik over mijn ideaalbeeld van ‘slimme huizen’ en zoom ik verder in op de relatie tussen de bouwsector en de high-tech industrie.

Smart Energy | Woningmarkt | Smart Grid

plaats een reactie